p. 65
Wanneer zullen B. en W. toch gaan begrijpen, dat niet alleen de huizen moeten worden afgekeurd, maar dat de krotten ook moeten worden weggeruimd en de toestand ook geheel veranderd moet worden. Aan afkeuren zonder meer blijft dit groote gevaar verbonden, dat de onbewoonde krotten broeinesten van allerlei ongedierte worden en dat de stegen of gangen of sloppen de vergaarplaatsen worden en blijven van het vuilnis uit de buurt.
p. 67
Ik heb hierboven gezegd, dat het gemeentebestuur geen hand uitsteekt om de bewoners in zindelijkheid voor te gaan en dit is te erger, omdat het systematisch onderzoek van woningen in 1898, zowel van de zindelijkheid als van het onderhoud de volgende leerzame cijfers geeft.
p. 68/69
Wat doet nu het gemeentebestuur na kennisneming met deze cijfers?
Zoo goed als niets, er worden een paar krotten, die te walgelijk zijn en te slecht zijn om zelfs door honden bewoond te worden, onbewoonbaar verklaard en een of twee huisjesmelkers worden een weinig achterna gereden.
Overigens blijft de toestand precies dezelfde.
Een tweede systematisch onderzoek naar de woningen in de Joden Houttuinen en Valkenburgerstraat zou bewijzen, dat het gemeentebestuur alleen cijfers en gegevens verzamelt zonder meer.
Als men dan ook in die buurten aan het onderzoeken is, hoort men elk oogenblik de wrevele klachten, dat het bezoek of de herhaalde bezoeken van "de heeren van de kommisssie" geen verandering brengen, dat zelfs klachten tot B. en W. gericht niets uitwerken en dat, als men den eigenaar dreigt met de kommissie of met den burgemeester, de man lakonisch lacht en zegt: "Mijn 'n zorg!" |